Betekenisvol werk - het verschil maken met of zonder baan

‘Ik heb een baan! En ook nog een leuke!’ riep ik ongeveer een maand geleden blij en opgelucht, toen ik net gebeld was door Leonie van Staveren. Ze vertelde me dat ik haar opvolger zou worden, de nieuwe projectleider bij Adem Inn.

Als je iets loslaat, komt het naar je toe, zegt men wel eens. Een tijd geleden had ik het idee losgelaten dat ik ooit nog ‘een baan’ zou hebben. Ik dacht dat het misschien wel gewoon niets voor mij was. Een vorm van amor fati. Want zoals een oud docent van mijn universiteit laatst zei: ‘Jij bent toch veel te uitgesproken voor een baan’. Zij had niet anders verwacht dan dat ik na mijn studietijd mijn eigen gang zou gaan in plaats van me te voegen naar het systeem van een organisatie.

Zij kent me onder andere door een onderzoek naar anders-zijn in de psychiatrie, waar ik mijn studie mee afsloot. Hierin trok ik de conclusie dat om te kunnen functioneren in de maatschappij, niet alleen de waanzin, maar ook de eigenheid uit de geesteszieken moet worden verdreven. Alledaags functioneren, met werk, een huis en het liefst een vaste relatie, zonder psychoses of wanen, kan alleen als mensen vrijwel geen prikkels meer krijgen, wat maakt dat er veel creativiteit en scherpe randjes van karakters verloren gaan.

Eigenheid en uitgesprokenheid gaan dus gewoon niet samen met ‘een baan’, dacht ik, en deze stelling heb ik bij veel sollicitaties de afgelopen jaren kunnen bewijzen. Het viel me tijdens de jaren na mijn studie op hoe veel instellingen gerund worden door zeer behoudende karakters, en dat vacatures moeten worden opgevuld door mensen die op geen enkele manier een nieuwe impuls zouden gaan geven aan een organisatie. Je ziet het vaak al aan vacature teksten: we zoeken iemand die meteen, zonder al te veel vragen, aan het werk kan. Een harde werker, die zich snel aanpast aan de organisatie zodat alles gewoon op de vertrouwde manier kan doordraaien. In tijden van crisis zijn het de minst aangepasten die als eerste de dupe worden. Anders zijn moet je je kunnen veroorloven.

Betekenisvol werk is voor mij dus ook een paradoxale kwestie: om van betekenis te zijn, moet je immers verschil durven maken, en op dat laatste zitten de meeste organisaties niet echt te wachten. Gelukkig gaat dat niet overal op. Want ik heb nu toch een baan, en niet bij zomaar een organisatie: bij de kloosterorde der Dominicanen. Ik vind het heel erg dapper dat zij hun ruimte toevertrouwen aan een (zgn.) queer Humanistica, en daarmee hebben ze voor mij laten zien dat ze écht verschil willen maken in Rotterdam, en hun integriteit willen behouden door vragen te stellen niet misschien niet altijd populair zijn. Ik zal mijn best doen om dat waar te maken, door bij Adem Inn eigen-wijze jonge mensen welkom te heten die elkaar inspireren en zich individueel durven te bezinnen. Baan of geen baan, werk is er genoeg.